Archive for September, 2010

Fietsers Latijn

September 5, 2010

Heb vandaag meegedaan aan de Henk Lubberding Classic vanuit ‘s Heerenberg over oa de Oost-Veluwe en een stukje Duitsland. Natuurlijk prachtig fietsweer. Voor wie de HLC niet kent.. het is een tocht van 120 km, waarvan de eerste 90 km gecontroleerde koers in gesloten peloton (met 600 deelnemers) en daarna 30 km open wedstrijd. Voor mij een debuut…

Te ’s Heerenberg aangekomen eerst de champion chip aan mijn naaf bevestigen voor de tijdmeting. Eerste teken dat dit toch iets anders was dan een ‘normale’ toertocht. Met een goede vriend en twee andere fietsmaten, stonden we tegen kwart over negen aan de start. Voor we vertrokken eerst nog wat veiligheidsinstructies van de organisatie, een korte opwarmspeech van Henk zelf en (mooi moment!!) een minuut stilte voor Jean Nelissen.

Om 9:30 werden we weggeschoten. Door een slimme startpositie te kiezen zaten we meteen redelijk van voren (bij de eerste 100 that is). Het eerste kwartier was wat rommelig, duidelijk dat het peloton zich nog wat moest zetten en het tempo lag nog laag (onder 25).. Daarna ging het tempo naar zo’n 28. Maar wat een verschil is dat rijden in zo’n groot peloton met een normale toertocht waarin je toch veelal in relatief kleine groepjes reed. Hier ging het bijna continu over de volle breedte van de weg en op de meeste plaatsen dus zo rond de 10-12 man naast elkaar. Continu mensen die een plekje op (willen) schuiven, links, rechts,… erg attent rijden dus en vooral ook verder vooruit proberen te kijken om te zien of er wordt ingehouden. Zeker na iedere serieuze bocht krijg je een soort harmonica-effect waarbij de eerste rijen eerst vaart minderen en na de bocht meteen weer aanzet, er dus een gaatje valt, de rest er vol achteraan gaat (om geen plekken te verliezen, waardoor je snel 40 rijd) en vervolgens iedereen weer in de rem moet omdat de voorsten alweer ‘rustig’ achter de auto zitten. Ff wennen hoor dit spelletje, maar het principe werd me snel duidelijk.

Volgende interessante fenomeen in zo’n groot peloton is plassen. Om de zoveel tijd zie je iemand wat naar de zijkant manoeuvreren om vervolgens bij een wegverbreding (bijv. bushalte 😉 ) eruit te stappen voor een sanitaire stop. Moest ik dan ook maar eens meemaken. Voordeel als je goed van voren zit, is dat met 600 man je dan precies voldoende tijd hebt voor een snelle stop en dan achter nog net in het peloton kunt aanhaken. Vandaar uit natuurlijk weer naar voren werken. Het eerste stuk gaat dat redelijk soepel, omdat het achteraan toch een meer uitwaaierend lint is, waar je mooi doorheen kunt laveren, maar hoe verder je naar voren komt hoe drukker het weer wordt en gaat het plek voor plek (tenzij je –zoals sommigen doen – echt acrobatische toeren gaat uithalen), ja en soms zit je dan bij een bocht of rotonde net verkeerd, waardoor je weer een paar rijen wordt teruggeworpen. Its all in the game :). Met z’n allen over zo’n rotonde aan twee kanten, vond ik overigens wel erg stoer.

Zo was het de hele tijd vooral erg opletten. Was vooraf toch wat huiverig over de beloofde 30 kmh gemiddeld, maar dat viel in de praktijk erg mee, het was denk ik eerder 28 gemiddeld en er was door de groep weinig wind te duchten (was vorige week op de dijk bij Wijk bij Duurstede wel anders, eenzaam met volle wind tegen en stiemende regen, pfff) en ik merkte ook dat ik –zoals dat zo mooi heet- wel goede benen had. Bij ongeveer 50 km kregen we de Posbank en de Zijpenberg. Hier viel het peloton natuurlijk uit elkaar en zag je sommigen snel afzakken of juist naar voren schuiven. Moest er de nodige voor laten gaan, maar kon er toch ook redelijk wat bijhouden of voorbij (de gemaakte hoogtemeters in Vogezen en Toscane hebben toch nut gehad, denk ik zo). Daarna werd het tempo even wat naar beneden gebracht voor een hergroepering, wat mij de gelegenheid gaf weer wat verder naar voren op te schuiven.

Vanaf een kilometer of 70 kon je merken dat de vrije koers ging naderen. Er wilden meer mensen naar voren en het werd nerveuzer in het peloton. In die laatste 20 km gecontroleerd dan ook een paar halve en twee hele valpartijtjes gezien. Moest zelf ook paar keer stevig remmen en een keer kon ik nog net uitwijken, toen het vlak voor me mis ging. Naast goed opletten, moet je ook gewoon een beetje mazzel hebben (hoorde naderhand dat er drie ‘gewonden’ waren die om die reden niet verder konden, waarvan een naar het ziekenhuis moest. Is dat veel of weinig, zeg het maar…)

De finale… Na 87,5 km op mijn teller werd de koers vrijgegeven op een lang recht stuk dijk. Ik zat op dat moment nog altijd bij de zeg eerste 100 van voren en daar ging het tempo alras omhoog, dus ging ik daar natuurlijk in mee. Nou dat heb ik geweten… Van 28 zaten we binnen no-time op 46 a 47 kmh en werd het brede peloton een smal lint… ‘misschien is het maar even zo hard’, dacht ik nog, want ik voelde natuurlijk meteen aan mijn benen dat ik boven mijn macht reed. Maar na een minuut of 5 (nog lang 😉 ) ging het zeker niet zachter en liepen mijn benen rapido helemaal vol. Domme actie natuurlijk eigenlijk, maar ja, je bent jong en je wilt wat 🙂

Toen ik het echt niet meer trok, kwamen anderen er meteen overheen, natuurlijk bang dat hier een echt gat ging vallen. Zo kwamen er een stuk of 30 voorbij en toen reed ik even alleen alvorens ook een tweede groep ‘over me heen denderde’. ‘Moet nu eerst herstellen’ dacht ik en liet mijn tempo zakken naar ongeveer 32,5 maar nu niet meer in een groep natuurlijk. Toen kwam een van mijn maten voorbij, “Kom op Sam, aanpikken!”. Mooie woorden…dus ik aanpikken, maar 36-37 bleek op dat moment ook nog ff teveel. Dus weer laten lopen… enkele twee –drietallen die ook zoiets reden voorbij laten gaan en zelfs even terug naar 30.

Na een minuut of 5 aangepikt bij een groepje wat 32,5 reed. Uit de wind ging dat wel weer en daar verder herstelt en nog een reep naar binnen geduwd. Toen de Elterberg. Even spannend, maar ik bleek weer redelijk ok en kon me in dit groepje handhaven. 1e doorkomst over de finish heuvelop, met nog een ronde van 15 km te gaan. De benen voelden weer prima, dus langzaam wat opgeschoven in de inmiddels tot 15 man aangegroeide groep.

Op 5km van de meet nog een laatste klimmetje (zo wist ik inmiddels van de eerste doorkomst) ‘ja, ik heb nog wat over, s kijken wat ik er nog uitgeperst krijg en kwam als eerste van deze groep boven en nog een paar anderen ingehaald. In de afdaling vol door en bijtrappen, want ik wilde ze nu natuurlijk graag ook achter me houden. Eentje die ik had bijgehaald bleef toch in mijn wiel zitten lekker uit de wind. Dat was natuurlijk niet de bedoeling, dus eerst vriendelijk met armgebaar op kop geprobeerd te krijgen, maar daar trapte die niet in. Toen echt afgegeven, maar was meteen duidelijk dat hij niet veel meer had, dus na een korte aflosbeurt ik weer op kop. Met z’n tweeen reden we vervolgens samen naar de finish, waar ik er nog een laatste sprintje voor het publiek uit kon persen. In de officiële uitslag zal ik wel ergens in de middenmoot zijn geëindigd, maar voor mezelf was ik overduidelijk gewoon de winnaar van vandaag!

Al met al een debuut dat smaakt naar meer ‘echte koersen’, maar eerst over twee weken 160 km door het MergelHeuvelland…